#

We hadden het al gehoopt. En uiteindelijk bleek het ook zo te zijn: de 10.000ste bezoeker van 2009 viel samen met het bezoek van 5 derde klassen van het Rotterdamse Calvijn College.

Een grote bos bloemen werd, diplomatiek, in handen gegeven van docente Emilie Kingma. Aangenaam verrast nam zij de bloemen in ontvangst van educatief medewerkster Rigt Schmidt. De scholieren kregen allen het stripboekje 'Frontstad Rotterdam' van Eric Heuvel uitgereikt. Daarna gingen ze met het Vraag en Antwoordboek in handen de opstelling in. Om ze te stimuleren het museum te herbezoeken, wellicht met hun ouders, krijgen ze ook allemaal een jaar lang een gratis vriendenpas.

De bezoekersaantallen van 2009 zorgen opnieuw voor records voor het OorlogsVerzetsMuseum Rotterdam. Niet alleen hadden we vandaag de 10.000ste bezoeker binnen, het aantal jeugdige bezoekers was dit jaar, met ruim 3000, ook hoger dan ooit. Het grootste deel daarvan kwam via school- en groepsbezoeken voor ons educatieve programma Vraag en Antwoord. Ook het kwartaal programma biedt steeds meer activiteiten voor de individuele jeugd, waardoor die de weg naar het museum met ouders en- grootouders steeds beter weet te vinden.

A.H. 16.12.2009
Donderdag 10 december hielden wij onze jaarlijkse schenkersdag. We hadden dit jaar een recordaantal schenkers dus de lijst met genodigden was lang. En de opkomst hoog. De beloofde film werd maar liefst drie maal herhaald. Ook kreeg iedereen kreeg de kans om op het gemak de opstelling nog eens te bekijken. Na een hapje en een drankje en geanimeerde gesprekken met mede-belangstellenden ging men tevreden weer op huis aan.
Directeur Johan van der Hoeven maakte van de gelegenheid gebruik om de schenkers nog eens hartelijk te danken voor hun bijdrage aan onze waardevolle nog altijd groeiende collectie.
Dit jaar waren er meer dan 272 schenkers. Zij brachten soms een klein voorwerp en soms een koffer vol, maar gemiddeld zo'n 3 objecten per persoon. Dank dus voor de giften, die ons helpen bij het opzetten van mooie tentoonstellingen. 'Maar dat niet alleen', zo zei Van der Hoeven, 'deze giften maken nu bovendien deel uit van het nationale culturele erfgoed.
Het is onze plicht te zorgen voor behoud van dit erfgoed. Mede dankzij een subsidie van VWS voor registratie en fotografie van de collectie zijn we daar goed toe in staat'.
Ook werden nog de nodige schenkingen gebracht. Daarvoor hadden we speciaal een tafel ingericht. De heren Snoek en de Groot hebben ruim twintig schenkingen in ontvangst genomen. Variërend van documenten, een granaatscherf en oude kranten tot een veldfles en een mooie oude pop.
Spullen die vaak jaren op zolders en in rommellades hebben gelegen maar die nu dus tot het nationale erfgoed gerekend mogen worden. En zo hoort het ook!
A.H. 15.12.2009
Sinds november is in onze wisselzaal de nieuwe tijdelijke tentoonstelling 'Helden en heldinnen, over landmijnen en lef' te zien. Het is een reizende expositie geïntitieerd door het Actiefonds Mijnen Ruimen (AMR).

De problematiek rond mijnen en munitie die na een conflict in gebieden achterblijven is veelkoppig. In ruim 80 landen over de hele wereld liggen landmijnen. Per dag trappen zo'n 4 kinderen op een landmijn. Vruchtbare grond blijft ongebruikt en het mileu is vervuild. Het mijnvrij maken van deze gebieden kost veel tijd en geld.
De opening van 'Helden en heldinnen' werd op 19 november j.l. verricht door Hedy d'Ancona, lid van het comité van aanbeveling AMR. Zij hield een pleidooi voor bewustwording van in vrede en veiligheid levende burgers. Wij zijn natuurlijk niet verantwoordelijk voor het leggen van mijnen, maar door goed op te letten waar wij ons geld beleggen bijvoorbeeld, en door ons op de hoogte te stellen van wat er ver van ons bed gebeurt kunnen wij wel degelijk een steentje bijdragen. Het werk van de antimijnenorganisaties werpt inmiddels zijn vruchten af.
Het aantal mijnen in de wereld neemt af en steeds meer landen ratificeren het Antimijn Verdrag van Ottawa van 1997. Toch is er nog veel werk te verrichten. Landmijnen blijven nog lang slachtoffers maken onder de burgerbevolking nadat het oorlogsgeweld is beëindigd. Naar schatting keren ruim 5 miljoen vluchtelingen niet terug naar hun dorpen en ruim 3 miljoen teruggekeerde mensen lopen risico.
De tentoonstelling 'Helden en heldinnen, over landmijnen en lef' is tot en met 7 februari 2010 te zien in het OorlogsVerzetsMuseum Rotterdam. In deze expositie wordt behalve aan de achterliggende problematiek ook aandacht besteed aan de helden en heldinnen die ter plaatse het gevaarlijk opruimwerk doen.
A.H. 01.12.2009

Een paar weken geleden bezocht de 8 jarige Nina Lenstra ons museum. Ze was erg onder de indruk van alles wat ze gezien had.
Samen met haar moeder bracht ze lange tijd door met het uitgebreid bekijken van alle vitrinekastjes. Blij dat ze weer iets herkenbaars tegenkwam. Nina vatte daarbij het idee op om ook zo'n kastje te maken, en 'of wij niet nog zo'n doosje hadden'?
Gelukkig hadden we er nog eentje staan, dat we aan haar mee konden geven. Afgelopen woensdag was Nina terug. Een beetje schuchter maar ook een beetje trots liet ze het vitrinekastje zien: "van oorlog ga je dood" staat er in en daaronder is een stroom dikke blauwe tranen geplakt. Waaruit maar weer eens blijkt dat ook heel jonge bezoekertjes geraakt en bereikt kunnen worden door de geschiedenis. Het extra vitrinekastje is nu, samen met de andere, te bewonderen in onze vaste opstelling.
A.H. 20.11.2009
De digitale registratie van onze collectie is bijna afgerond. Maar er staan her en der nog wat dozen die nader uitgezocht moeten worden. Dat leverde onlangs nog een bijzondere vondst op.

Het SOBU-album met foto's van werknemers en hun famlies
In een doos genaamd kamp Vught vonden we verschillende documenten. Daarnaast hadden we ook een fotoalbum in ons bezit, met betrekking tot het Speciale Opdrachten Bureau (SOBU).
De SOBU was een werkplaats van Philips in Eindhoven. Door de directie van Philips opgericht ter bescherming van het joodse personeel. Later kwamen deze mensen terecht in het Philips-Kommando in kamp Vught.
Tussen de documenten vonden we ook verschillende tekeningen en gedichtjes. Een beetje vreemd komen de tekeningen van Sinterklaas in vol ornaat tijdens het appèl wel over. Maar ze illustreren de behoefte aan de dingen uit het gewone leven.
Omdat dit alles betrekking heeft tot het Philips-kommando in kamp Vught is na rijp beraad besloten deze kostbare vondst over te

Sinterklaas tijdens het appèl...
dragen aan het Nationaal Monument Kamp Vught. Daar horen deze spullen immers thuis. Op 3 november j.l. overhandigden wij ze aan directeur J. van den Eijnden en collectiebeheerder B. van der Kok, die er bijzonder blij mee waren. Vooral het fotoalbum, dat honderden portretfoto's bevat van mensen van wie tot heden alleen de namen bekend waren, is een topstuk.

Klompje gesmolten lepeltjes
Tot onze verrassing hadden ze ook nog iets voor ons meegenomen: een klompje gesmolten zilveren lepeltjes. De lepeltjes lagen in een kluis van de Rotterdamse Bank tijdens het bombardement van 14 mei. Ze waren daar in bewaring gegeven door een joodse familie, die later werd gedeporteerd. Slechts twee personen van die familie zijn teruggekeerd.
Eén van die twee was het schoonzusje van de schenker de heer H. K. uit Vught. Zo is het klompje in zijn familie terecht gekomen, en bewaard tot de actie 'niet weggooien', waarin werd opgeroepen materiaal uit oorlogstijd bij musea in te leveren. Hij besloot het naar kamp Vught te brengen.

Met deze uitwisseling zijn een aantal interessante collectiestukken op de plaats terecht gekomen waar ze het beste thuishoren. Het doet ons deugd dit betekenisvolle klompje gesmolten zilver aan onze collectie te kunnen toevoegen.
A.H. 11.11.2009
Het heeft wat voeten in aarde gehad. Of misschien moet worden gezegd dat het voeten in aarde heeft gekregen.
Hoe dan ook: het kunstwerk de Schaduw is geplaatst. Het massief betonnen beeld van kunstenaar Onno Poiesz is geïnspireerd op de Heinkel HE-III. Met deze bommenwerper werd op 14 mei 1940 een groot deel van
Rotterdam in as en puin gelegd. Een gebeurtenis die tot op vandaag een schaduw over de stad werpt. Het aanzien van de stad is door de heropbouw immers definitief en ingrijpend veranderd. Nog afgezien van de herinneringen die veel mensen met zich meedragen aan deze tragische dag en de gevolgen ervan.
Henk van der Pols (rechts) en museumdirecteur Johan van der Hoeven trokken het enorme laken van De Schaduw
Donderdag 22 oktober werd de Schaduw onder grote belangstelling onthuld door oud loco burgemeester Henk van der Pols. In zijn heldere toespraak memoreerde hij dat niet de apparatuur, maar 'een zieke menselijke geest' verantwoordelijk was voor de vernietiging van de Rotterdamse binnenstad in mei 1940. Daarna werd het enorme paarse laken dat het beeld bedekte weggetrokken en klonk een welgemeend applaus.

Eerder dit jaar, op 14 mei 2009, werd de plaatsing van het massieve kunstwerk uitgesteld wegens vergunningsperikelen. Hoewel velen hebben gedacht dat de plaatsing niet door kon gaan omdat er grote weerstand tegen het beeld zou zijn.
Die tegenstand was er vanuit verschillende hoeken wel, maar dat kwam vooral omdat er een misverstand over de functie van het kunstwerk bestond. Algemeen werd aangenomen dat het om een nieuw oorlogsmonument zou gaan. Maar zo hoog hebben wij het nooit in de bol gehad.

Het kunstwerk was, en is, bedoeld om het voorplein van het museum een duidelijk herkenningspunt te geven.
En dat is gelukt. Meteen de volgende dag al werden wij bezocht door een negenkoppige familie uit Zaanstad die zich graag met het beeld liet vereeuwigen.
De vader en grootvader van deze familie had zelf het grote bombardement nog meegemaakt. Hij was blij in het OorlogsVerzetsMuseum Rotterdam een plaats te vinden waar hij zijn belevenissen op zijn nageslacht kon overbrengen.
A.H. 25.10.2009
Arie en Nel Mast, oprichter en moeder van het museum hadden het eind 2006 niet meer durven dromen. Toen waren er immers sombere verhalen. Het museum, dat destijds nog aan de Veerlaan zat, moest wegens op handen zijnde sloop zijn deuren sluiten en geld voor een verhuizing was er niet.
Het zag er naar uit dat de zorgvuldig opgebouwde collectie van Mast ergens in een depot terecht zou komen.
De toen nog maar net aangetreden directeur Johan van der Hoeven liet het er niet bij zitten. Hij zette zijn tanden in de zaak en kreeg voor elkaar dat het museum eind 2007 met steun van sponsors, de gemeenteraad en het OBR toch kon verhuizen. Zo kon op 3 april 2008 het museum in Delfshaven zijn deuren opnieuw openen.

Door het enthousiasme en de inspanningen van alle medewerkers en vrijwilligers is aan de Coolhaven een prachtig nieuw museum opgebloeid. De ingezette professionalisering was halverwege dit jaar al zover gevorderd dat een aanvraag tot opname in het museumregister kon worden gedaan. Die aanvraag werd gehonoreerd: het OorlogsVerzetsMuseum Rotterdam mag zich vanaf heden Geregistreerd Museum noemen. Kortgezegd betekent dat, dat het museum voldoet aan de officiële kwaliteitsnorm voor erfgoedbeheer. Proficiat voor allen die hun steentje hebben bijgedragen!
A.H. 10.10.2009
Ben van der Heijden werd geboren op 30 juni 1914 in Rotterdam Delfshaven, in het vroegere huis van Piet Heyn. Het water riep ook hem.
In de jaren dertig bevoer hij de wereldzeeën onder de vlag van de Koninklijke Marine. Bij de Duitse inval in Nederland, in mei 1940, streed hij op zijn schip mee bij de Maasbruggen. Later in de oorlog vond hij een baan als scheepsbouwkundig bankwerker bij Laagland in Feijenoord.
Ondertussen zat hij – zonder dat zijn vrouw het wist - bij een ondergrondse verzetsploeg. Tot hij bij de razzia van 10 en 11 november 1944 werd opgepakt en op transport naar Duitsland gezet. Daar werd hij bij verschillende fabrieken tewerkgesteld. Maar het lukte hem vrij snel een Rückkehrschein te bemachtigen en naar Rotterdam terug te keren. Op 5 januari 1945, midden in de hongerwinter, kwam hij terug bij vrouw en kind. Waarna hij zich meldde bij de Binnenlandse Strijdkrachten en zich onderscheidde bij onder meer het onklaar maken van een springlading onder de Hefbrug. Een bewogen leven.

In de jaren tachtig heeft hij zich als man van het eerste uur bijzonder ingezet voor de totstandkoming van het OorlogsVerzetsMuseum Rotterdam. Als kundig en welbespraakt mens heeft hij veel van zijn ervaringen kunnen overdragen aan zowel de ouderen als aan de jeugd. Met zijn ruimhartigheid en blijmoedigheid heeft hij veel voor anderen betekend. Wij gedenken hem met dankbaarheid. Ons medeleven gaat uit naar hen die op 2 september jl. een dierbaar familielid en vriend hebben verloren.

Bestuur en medewerkers
OorlogsVerzetsMuseum Rotterdam
08.09.2009
Een uitgelezen idee is een nieuwe tijdelijke tentoonstelling over jeugdliteratuur en de Tweede Wereldoorlog. In vijf kasten, vormgegeven in de stijl van de verschillende decennia, worden vanaf eind jaren veertig tot nu per tijdvak enkele jeugdboeken uitgelicht die typerend zijn voor die periode.

Het beeld dat men van de Tweede Wereldoorlog heeft verandert met de tijdgeest mee, en dat is zichtbaar in de jeugdliteratuur. In de jaren vijftig wordt nog bijna naief over de rol van de Nederlander in de oorlog gedacht. Het grote drama van de vervolging, deportatie en het ombrengen van Joden komt dan nog nauwelijks aan de orde. In de loop der decennia wordt het beeld bijgesteld en genuanceerd. Gaandeweg wordt de vreselijke waarheid van de Holocaust onderkend en centraal gesteld. De positieve rol die de Nederlander zich eerder zo graag toebedacht blijkt niet realistisch. In de recentere literatuur komt uiteindelijk aan de orde hoe fragiel de scheidslijn tussen goed en kwaad eigenlijk is. En onder welke druk zou je eigenlijk zelf bezwijken?
Door middel van foto's, affiches, cartoons en voorwerpen wordt een indruk gegeven van de heersende tijdgeest. Een doorlopende strip van Tonio van Vugt maakt de kenmerken spelenderwijs toegankelijk voor jongeren.
Er zijn fragmenten te bekijken van de Vara televisieserie Oorlogswinter van Jan Terlouw uit 1975. Een interview met Jaques Vriens, schrijver van Oorlogsgeheimen vormt het sluitstuk van de tentoonstelling.
Bij de tentoonstelling is een educatief werkblad verkrijgbaar. Via de website www.eenuitgelezenidee.nl zijn teksten beschikbaar die de tentoonstelling van achtergronden voorzien. Voor docenten is het aan te raden aan de hand van deze teksten de leerlingen voor te bereiden op het museumbezoek.

Een uitgelezen idee is van 28 agustus tot en met 31 december 2009 te bezoeken in het OorlogsVerzetsMuseum Rotterdam.
A.H. 26.08.2009
De zomerboekenmarkt van afgelopen zondag 26 juli was een succes. De kraampjes op het terrein voor het OorlogsVerzetsMuseum werden ondanks het mooie weer en de vakantietijd druk bezocht. Ruim honderd mensen wisten op deze dag het museum te vinden.
Het kleine terras dat voor de gelegenheid was ingericht trok behalve vermoeide boekenzoekers ook nog wel wat zonaanbidders. Zo kwam halverwege de middag een sloep aangevaren met mensen die dachten in deze gezellige uitspanning een borrel te kunnen drinken. Dat kon natuurlijk niet, maar uiteindelijk waren ze ook heel tevreden met hun gratis bezoek aan het OorlogsVerzetsMuseum.
Net als een Duitse vrachtwagenchauffeur die na het lossen van zijn vracht in de haven zijn vrije dag in het museum doorbracht. Zelfs tot ver na sluitingstijd. (Niet verder vertellen.)
Ruim 50 bezoekers hebben tijdens deze middag meer dan 250 boeken gekocht, bij de kramen van het museum en bij de uitstalling van Jan Anderson van het Streekmuseum Vlaardingen. Kortom: voor herhaling vatbaar.
A.H. 27.07.2009
Gisteren is het museum weer twee nieuwe ambassadeurtjes rijker geworden. Twee leerlingen uit groep 7 en 8 van basisschool de Pijler vervullen jaarlijks de rol van ambassadeur. Dat houdt in dat zij onder meer feedback geven op de ontwikkeling van nieuwe educatieve middelen. Ze worden geselecteerd door middel van een themagebonden wedstrijd. Dit jaar was de opdracht een vitrinekastje te maken.
De leerlingen van de Pijler zijn lang niet allemaal in de klas aanwezig wanneer Rigt Schmidt de winnaars bekend komt maken. Ze hebben het druk, zo vlak voor de vakantie. Er moet opgeruimd worden en schoongemaakt. Maar ze zijn enthousiast over de winnaars. En blij met de vrijkaarten, die kunnen ze mooi bewaren voor een regenachtige vakantiedag.
Het kistje van Nikki Jansen heeft als onderwerp pesten, discrimineren en zinloos geweld. Immers de thema's zondebok, meelopers en bullebakken zijn van alle tijden. Komen ze op het schoolplein maar al te vaak voor, in tijden van tirannie en overheersing werken dezelfde principes.
Nikki Jansen
Het vitrinekastje van Senna Bremer is even eenvoudig als doeltreffend. Aan de ene kant een huis zoals het er uit zag vóór het bombardement, aan de andere kant erna. Dat is wat oorlog doet!

Beide kistjes zijn samen met alle andere, die overigens ook erg leuk zijn geworden, te bewonderen in het museum.
Senna Bremer
A.H. 09.07.2009
Het nieuwe Bieschboschpaneel in de vaste opstelling
In de vaste opstelling van het museum is sinds kort een volledig nieuw Biesboschpaneel met tekst en uitleg te zien. Op de kaart van het paneel zijn acht routes gemarkeerd met rode lampjes, die oplichten door een druk op de knop. De routes hebben betrekking op de door het verzet gemaakte Duitse krijgsgevangenen en op de crosslijnen.

Routes Duitse krijgsgevangenen
In de Biesbosch werd in de loop van 1944 een gewapende verzetsgroep actief, die op dolle dinsdag in september op het idee kwam om doortrekkende Duitse militairen te ontwapenen en krijgsgevangenschap te houden. Voor Duitse soldaten die zich op de vlucht voor de geallieerden vanuit Noord-Brabant per roeiboot over de Amer lieten overzetten, werd bij een bruggetje op de enige route die ze konden lopen, een hinderlaag opgezet. Zo’n 75 Duitsers werden gevangen genomen en op een verdekt aangemeerd binnenvaartschip bewaakt.

Routes cross-lijnen
Tussen november 1944 en de mei 1945 werd de communicatie tussen het al bevrijde Noord-Brabant en de Albrecht-groep in Rotterdam via de Biesbosch door zogenoemde line-crossers in stand gehouden. Zij staken de frontlijn langs de Amer en de Bergse Maas circa 374 maal heen en weer over. De tochten gebeurden steeds in nachtelijk duister, in doodse stilte langs de Duitse legerposten, en ’s winters in de barre kou. Ze vergden van de crossers uitzonderlijke volharding en moed.

Het paneel is ontworpen door Ron Breugelmans en Ton Wienbelt.
Koos de Kramer 18.06.2009
Op 14 mei aanstaande, de herdenkingsdag van het bombardement van 14 mei 1940, wordt om 15 uur voor de ingang van het OorlogsVerzetsMuseum Rotterdam een kunstwerk aangekondigd ter markering van het museum. Het beeld is gemaakt door Onno Poiesz en is wat ons betreft nadrukkelijk niet bedoeld als oorlogsmonument.
Wij hebben gezocht naar een markering bij het museum dat onder de Pieter de Hooghbrug wat verscholen ligt en moeilijk vindbaar blijkt. In samenwerking met het Centrum voor Beeldende Kunst in Rotterdam is gezocht naar een kunstenaar aan wie een opdracht is gegeven.
De Schaduw is een schaalmodel van de Heinkel bommenwerper. Met dit vliegtuig werd in 1940 het bombardement uitgevoerd dat tot op de dag van vandaag een schaduw over de stad werpt. Een schaduw voelbaar in de harten van de mensen, en zichtbaar in het centrum van de stad, waaruit de oude kern verdwenen is.
Poiesz heeft met zijn betonnen vliegtuig een link willen leggen tussen het nu en het verleden. Het vliegtuig is geen ode aan vernietiging, maar herinnert er wel aan. Voor degenen die het bombardement hebben meegemaakt is een dergelijke herinnering natuurlijk niet nodig. De brandende stad staat immers op hun netvlies gegrift.
Voor nieuwe generaties ligt dat anders. Zij weten vaak niet eens dat de stad vroeger net zo'n oude kern heeft gehad als Amsterdam of Den Haag. Gelukkig is onze stad zoals hij nu is mooi en om trots op te zijn. Dat is natuurlijk niet te danken aan het bombardement, maar aan de veerkracht en de werklust van de Rotterdammers. Maar dat is een ander verhaal.
A.H. 12.05.2009
Ondanks de wat druilerige dag wordt het terras goed bezet
De afgelopen weken hebben wij te maken met een grote toeloop. Rond mei is het, vanzelfsprekend, altijd druk in het museum. Niet alleen individuele bezoekers maar vooral ook veel scholen bezoeken in deze tijd onze vaste opstelling. Zij maken graag gebruik van de museumles Vraag en Antwoord om leerlingen te laten kennismaken met de oorlogsdagen en de bezettingstijd in en rond Rotterdam. Dit jaar echter ontvangen we recordaantallen bezoekers. Alleen al op de twee meidagen ontvingen wij ruim 325 mensen!

Op 4 mei was er de traditionle voorlezing van Joodse familienamen door kinderen van OBS de Pijler. Met het lezen van de namen werd stilgestaan bij de Rotterdamse Joden die vanuit Loods 24 werden gedeporteerd en die niet zijn teruggekeerd. Ook dit jaar kon het jongste voorlezertje maar net over het katheder heen kijken. En net als voorgaande jaren werden de luisteraars beklemd en geroerd door deze bijzondere gebeurtenis. Het oplezen van de namen door jonge onwetende mensen rekt immers even de grenzen van de tijd op en slaat een brug tussen heden en verleden. De dag werd gepast afgesloten met om acht uur twee minuten stilte bij de halfstok gehangen vlag.

De heer A. van Es, kleinzoon van de weduwe
Op bevrijdingsdag hadden wij voor de gelegenheid een terras op ons voorplein en een legendarisch draaiorgel voor de deur. De Grote Cap van de weduwe van Es heeft tijdens de oorlog nog in Rotterdam gespeeld. Op een gegeven moment troffen wij een heer zichtbaar aangedaan bij het orgel. Dat bleek de kleinzoon van de weduwe van Es te zijn.
Maar niet alleen het orgel trok bezoekers. Ondanks het druilerige weer was het de hele dag een komen en gaan van mensen.
De vaste opstelling wordt nog altijd veel bezocht en algemeen gewaardeerd. Ook de nieuwe tentoonstelling Moeder past en meet wordt goed bezocht en brengt bij de oudere bezoekers heel wat herkenning te weeg. En onder de jongere verbazing.
A.H. 10.05.2009
Nieuwe tentoonstelling Moeder past en meet in Arie en Nel Mastzaal
Onder ruime belangstelling is op 1 mei de tentoonstelling Moeder past en meet geopend. De opening werd verricht door Ineke Strouken, directeur van het Nederlands Centrum voor Volkscultuur. Zij was verheugd een expositie over dit specifieke onderwerp te openen, omdat het nogal onderbelicht is. Veel aandacht is al besteed aan de verhalen over oorlogshandelingen, en grote daden als verzet en onderduiken. De rol van gewone huisvrouwen tijdens WOII is vaak onbelicht gebleven.
Moeder past en meet brengt nu juist de rol van gewone Rotterdamse huisvrouwen tijdens de bezettingsjaren onder de aandacht. Het dagelijks leven ging immers ook door. De zorg om het welzijn van het gezin rustte zwaar op moeders schouders. Met nagenoeg alle voedsel op de bon en toenemende schaarste was het een heel gepuzzel.
De tentoonstelling Moeder past en meet is van 3 mei t/m 25 oktober 2009 te zien in het OorlogsVerzetsMuseum Rotterdam.
A.H. 03.05.2009
De storing in de klimaataparatuur is bijna onder controle. Er wordt nu nog hard aan gewerkt, maar op woensdag 14 januari kan het OorlogsVerzetsMuseum zijn deuren weer voor u open stellen.

De nieuwe tijdelijke tentoonstelling over veteranen 'Ingezet in dienst van de vrede' kan dan bezocht worden, en uiteraard is onze vaste opstelling ook weer toegankelijk. Om 14.00 uur wordt de documentaire S.O.E. in Denemarken, die op 4 en op 7 januari niet door kon gaan, alsnog getoond. De lezing die op 11 januari door het Veteraneninstituut verzorgd zou worden wordt doorgeschoven naar 8 maart.

Voor iedereen die komende week het museum bezoekt is de entree gratis. Wij zorgen voor hete chocola en cake. Kortom een warm onthaal!
A.H. 09.01.2009
Aan het eind van een prachtig jaar dat we af kunnen sluiten met een recordaantal van 7400 bezoekers heeft op 30 december jl. de techniek ons in de steek gelaten. De verwarmingsinstallatie van het museum is defect geraakt en met pijn in het hart zien wij ons genoodzaakt tijdelijk onze deuren te sluiten en de activiteiten op te schorten.

Er wordt met man en macht gewerkt aan een tijdelijke oplossing. We hopen eind volgende week in ieder geval weer voorlopig te kunnen draaien. Op het moment kunnen wij helaas nog geen enkele datum vaststellen. Daarom is het raadzaam het museum eerst te bellen en/of de website te raadplegen wanneer u een bezoek aan het museum overweegt.

Helaas zullen we met een noodvoorziening nog niet geheel uit de problemen zijn: de huidige verwarmingsinstallatie zal vervangen moeten worden. Een nieuw systeem is in bestelling. Om dat te installeren zal het museum voor een langere periode gesloten moeten worden. Daarover zullen wij later nog berichten.
A.H. 08.01.2009