Wanneer u op tweede kerstdag de gedachte aan vrijheid en vrede een extra dimensie wilt geven is een (familie)bezoek aan het OorlogsVerzetsMuseum een goede keuze.

Een bezoek aan de tentoonstelling maakt weer eens duidelijk hoe kostbaar en bijzonder onze vrijheid is. Kinderen kunnen op deze dag vredesduifjes en/of een vredeskrant maken.

WORKSHOP
Van 14.00 tot 16.00 uur is er een workshop brieven schrijven voor politieke gevangenen. Samen met Amnesty International steunt het museum mensen die zich inzetten tegen schendingen van de mensenrechten. In nogal wat landen worden mensen die protesteren tegen onrecht gevangen genomen. Het is belangrijk deze mensen te steunen. Dat kan door een brief te sturen of een tekening te maken. De workshop is niet alleen voor kinderen, want een mens is immers nooit te oud om te protesteren tegen onrecht!

Het museum is op 2e kerstdag geopend van 12.00 - 17.00 uur.
A.H.15.12.2010
 
Op 1 en 2 december j.l. hadden wij in het museum weer onze jaarlijkse schenkersdagen. Op deze dagen verzorgen wij een gezellige middag voor alle mensen die het afgelopen jaar iets aan het museum geschonken hebben. Dit jaar waren dat ruim tweehonderd personen.
Op zo'n middag spreekt directeur Van der Hoeven nog eens zijn persoonlijke dank uit voor de diverse bijdrages aan de collectie. Daarna is er een film en gelegenheid tot gezellig samenzijn. Herinneringen worden opgehaald, gedachten worden gewisseld.
Vaak komen mensen met nog meer schenkingen en voor die gelegenheid wordt een speciale tafel ingericht waar vrijwilliger Rence Snoek de mensen graag te woord staat.

Rence Snoek neemt schenking aan
Wat lang niet iedereen weet is dat onze collectie, die ondertussen enige duizenden objecten omvat, vrijwel geheel is opgebouwd uit schenkingen. Het museum heeft namelijk geen aankoopbudget voor collectie. Niet alleen omdat er van oudsher weinig middelen voor zijn, het museum wil ook geen speler zijn in een particuliere markt. Voor ons is immers niet de financiële maar de historische- en emotionele waarde van voorwerpen van belang.

De broers Den Toom bij de gouache Hongerwinter
Er waren veel waardevolle schenkingen dit jaar, te veel om op te noemen. Meest in het oog lopend was misschien wel de gouache Hongerwinter, al was het alleen maar omdat het schilderij ruim drie meter breed is. De familie Den Toom die de gouache schonk was op 1 december aanwezig en verheugd de gouache zo netjes te zien tentoongesteld.
.
Op 2 december werd een lied gezongen door Niec van den Burgh. Hij schreef een lied over 65 jaar bevrijding en wilde dat graag met zijn medeschenkers delen. Dat werd zeker op prijs gesteld.
Ook de film 'Morgen wordt het beter' werd gewaardeerd. Er kwamen nogal wat liedjes voorbij die men graag meezong.

Gelukkig zijn de meeste mensen die waardevolle objecten en documenten in hun bezit hebben blij dit soort spullen te kunnen onderbrengen in een serieuze collectie.

Van der Burgh zingt zijn
bevrijdingslied
Ook al kunnen wij niet direct alles in onze vaste opstelling opnemen, en moeten we sommige dingen doorsturen naar andere collecties, zoals we verleden jaar deden met een bijzonder fotoalbum uit kamp Vught. Het gaat er om dat zaken op de juiste plek terecht komen en behouden blijven voor het nageslacht.


(zie ook onze pagina: Aanwinsten)
A.H.03.12.2010

Tot hun grote verrassing, en vreugde, werden de vrijwilligers van het museum tot Rotterdammer van het Jaar 2010 benoemd.
Op zaterdag 13 november om 15.00 uur was het dan zover. Tijdens de Rotterdamse dag in de Laurenskerk werd bekendgemaakt wie dit jaar de titel Rotterdammer van het Jaar mag dragen. De genomineerden werden op het podium gevraagd en allen kregen een oorkonde uit handen van de voorzitter van de stichting Ons Rotterdam. Maar alleen onze vrijwilligers mogen zich Rotterdammer van het Jaar 2010 noemen. Met dank aan allen die op de vrijwilligers van het museum gestemd hebben!

Koos de Kramer heeft namens de vrijwilligers - slechts een enkeling ontbrak - een dankwoord gesproken. De vrijwilligers straalden en werden daar gezet waar zij horen: in het zonnetje.
Een oorkonde en een mooi vormgegeven beeld 'Samen Sterk' van kunstenares Ria Blij werden overhandigd en zijn nu in het museum te bewonderen. Bijna alle medewerkers waren eveneens aanwezig, er moest ook nog een kraampje bemand worden, om ze te feliciteren.
De Rotterdamse dag had wat te lijden onder de aankomst van Sinterklaas dit jaar maar werd toch nog bezocht door ruim 1500 mensen.
Bijna iedereen kwam even in onze stand neuzen. Het viel op dat onze naamsbekendheid onder de Rotterdammers toeneemt. Vrijwel alle bezoekers hadden wel eens van ons gehoord, waren al eens langs geweest of van plan binnenkort te komen.

De stand van het museum werd goed bezocht
Er werd ook regelmatig gevraagd of we dan niet dicht gaan op zondag. Daar konden wij de mensen gerust stellen. Wij, en de gemeente Rotterdam,  zullen er alles aan doen om dat te voorkomen.
A.H.16.11.2010

(foto's Karin Kievit)
Een fraaie tentoonstelling bij de musical ‘Soldaat van Oranje’ toont bruiklenen van het OorlogsVerzetsMuseum Rotterdam. Vanaf oktober 2010 is op voormalig vliegveld Valkenburg bij Leiden de musical ‘Soldaat van Oranje’ te zien, gebaseerd op het waargebeurde verhaal van Erik Hazelhoff Roelfzema.

Deze musical is te zien in de grote vliegtuighangar die is omgebouwd tot een unieke theaterlocatie, waarbij het publiek op een ronddraaiende tribune (voor 1100 man), van decor naar decor draait. In het entreegebouw is de tentoonstelling ‘Morgen is vandaag. Kun jij kiezen in oorlogstijd?’ ontwikkeld door Karin Kievit en Peggy Osinga.
Deze tentoonstelling geeft informatie over Engelandvaarders en het leven in bezet Nederland en is met name bedoeld voor leerlingen van het voortgezet onderwijs en (groot)ouders en (klein)kinderen, die door een bezoek aan de tentoonstelling in gesprek raken over keuzes in oorlogstijd.
Op de tentoonstelling zijn o.a. vitrinekasten met bruiklenen uit onze collectie te zien.

Leerlingen van het voortgezet onderwijs actief aan de slag
De pers beoordeelt de musical zeer goed en noemt het ‘informatief, educatief, spannend en ook nog eens grensverleggend muziektheater’ (Volkskrant, 1-11-2010).  De tentoonstelling wordt door een grote diversiteit aan doelgroepen zeer goed bezocht!

Meer informatie op de website van Soldaat van Oranje.
K.K. 12.11.2010

Scholen weten de weg naar museum steeds beter te vinden
Op 1 november was het museum in een live uitzending van NOS Radio 1. Aanleiding was een motie die door D66 raadslid Jos Verveen voor de begrotingsraad van de Gemeente Rotterdam werd ingediend. In de motie wordt gevraagd om steun voor het museum omdat wij financieel in de knel zijn geraakt.

Want terwijl het aantal bezoekers groeit, wij het drukwerk nauwelijks aan kunnen dragen en het museum in allerlei opzichten succesvol is, zitten we financieel aan ons plafond. Dit is geen nieuw probleem. Al jaren geven wij in onze jaarverslagen aan dat het museum weliswaar geprofessionaliseerd is, maar dat om de kwaliteit te garanderen er vooral meer arbeidsuren van onze specialisten nodig zijn.

Bovenop onze subsidie hebben wij de afgelopen jaren door het voeren van een actief sponsorbeleid veel extra middelen tot onze beschikking gekregen. Met dit geld werden allerlei projecten, zoals exposities, nieuwe educatieve programma's en o.a. de uitgave van een strip gerealiseerd. Wij zijn onze sponsors uiteraard zeer dankbaar voor hun gulle gaven.

Maar wanneer het gaat om structurele kosten, zoals loonkosten, zijn sponsors terughoudender. Daarom hebben wij een beroep gedaan op de politiek. Behalve het bezoek van de wethouder op 12 oktober jl. hebben wij ook diverse raadsleden mogen ontvangen en rondleiden. Vrijwel zonder uitzondering beamen zij de bijzondere waarde van het OorlogsVerzetsMuseum voor Rotterdam.

Uitzending nog te beluisteren via de website van NOS radio1
Ook na de radiouitzending kregen wij brede steun en veel hartverwarmende reacties uit onverwachte hoeken. Waaruit wij wel mogen concluderen dat het museum als waardevol ervaren wordt. Wanneer er echter geen extra geld beschikbaar komt wordt het moeilijk om op de ingeslagen weg verder te gaan en in het ergste geval zal het museum zijn openingstijden moeten inperken.
Onze bezorgdheid geldt met name voor educatie en het verantwoord behoud van collectief erfgoed. De registratie van objecten, die nog wekelijks nieuw binnenkomen, zal opnieuw achterstand oplopen en de inhaalslag die met de subsidie van VWS mogelijk gemaakt werd zal weer teniet gedaan worden.
De groei in educatie zal stagneren wanneer wij niet voldoende toegerust zijn om alle leerlingen en inburgeraars te ontvangen en op verantwoorde wijze te informeren over de geschiedenis van de stad waarin ze wonen. Het is niet uit luxe dat wij de politiek benaderd hebben.
A.H. 11.11.2010

Directeur Johan van der Hoeven is blij met nominatie
We zijn de laatste tijd nogal in het nieuws geweest. Onze vrijwilligers werden genomineerd voor de titel Rotterdammer van het Jaar. Er werden door de recherche in beslag genomen portretten van Adolf Hitler bij ons gebracht. Naar aanleiding van onze financiële situatie werden voor radio en krant verschillende items gebracht en gisteren nog was de NOS in het museum voor een uitzending over de razzia van 10 en 11 november 1944 waarbij duizenden mannen de stad uit werden gevoerd. Alsof dat allemaal nog niet genoeg is zijn we ook nog genomineerd voor een museumprijs.

Nee, niet de landelijke. Maar wel voor de Museumprijs Zuid-Holland. Deze prijs is een initiatief van de Vereniging voor Musea in Zuid-Holland (VMZH) en wordt om het jaar uitgereikt. Dit jaar konden musea zichzelf of anderen nomineren voor een innovatieve en inspirerende activiteit of publiekstoepassing. Dat kan een expositie met een bijzondere invalshoek zijn, maar ook een opvallende herinrichting of mediatoepassing. Er zijn tien nominaties, o.a. het OorlogsVerzetsMuseum Rotterdam, die door een jury zullen worden beoordeeld.

Op maandag 29 november a.s. zal om 16.00 uur in het Havenmuseum te Rotterdam, de Museumprijs Zuid-Holland worden uitgereikt door Sipke Jan Bousema.
A.H. 11.11.2010
Afgelopen week werden wij bezocht door de NOS naar aanleiding van de bom die op 29 oktober op het Kruisplein werd gevonden. Het was een Engelse 250-ponder en de vraag was hoe dat kon. Een Engelse bom in Rotterdamse grond. Rotterdam was toch gebombardeerd door de Duitsers?
Het grote Duitse bombardement op de binnenstad van Rotterdam in de eerste oorlogsdagen is welbekend. De stad heeft daardoor een definitief ander aanzien gekregen en dat kan niemand ontgaan. Maar wat veel (naoorlogse) mensen zich niet realiseren is dat in de vijf jaar dat Nederland bezet was Rotterdam herhaaldelijk werd gebombardeerd door onze bondgenoten, de geallieerden.

De Engelse 250-ponder die aan het Kruisplein gevonden werd
(foto RTV Rijnmond)
Zoals in onze tentoonstelling Rotterdam Oorlogshaven maar al te pijnlijk naar voren komt vielen de Rotterdamse havens en werven na de Nederlandse overgave vrijwel ongeschonden in handen van de Duitsers. Die maakten van Rotterdam meteen de uitvalsbasis voor de Kriegsmarine. Nederlandse schepen en werven werden gevorderd en in dienst gesteld van de Duitse oorlogsvoering.

De vaak nachtelijke bombardementen van de geallieerden waren vooral gericht op de havens en werven, maar ook op de Sicherheitsdienst op de hoek van de Mathenesserlaan werd een aanval gedaan.
Het precisiebombardement bestond toen nog niet. Het was lastig te richten en het gebeurde herhaaldeijk dat bommen 'afzwaaiden' en woonwijken troffen. Om het nog extra moeilijk te maken voerden de Duitsers de avondklok in en stelden de verduistering verplicht. Vliegend boven de aardedonkere stad was het extra moeilijk de beoogde doelen te raken.

Bij het zogenoemde 'vergeten bombardement' in maart 1943 werd de wijk Bospolder Tussendijke hevig getroffen. Er vielen meer dan 400 doden. Maar ook de andere geallieerde aanvallen kostten de nodige slachtoffers. In de vijf bezettingsjaren zijn er bij geallieerde bombardementen zo'n 800 dodelijke slachtoffers gevallen. Dat is bijna net zoveel als bij het Duitse bombardement op 14 mei.

In het museum hebben wij een exemplaar van een Engelse blindganger. De Bellebom, die in de Bellevoystraat terecht kwam, en daar pas in de 80er jaren werd opgegraven. Ook aan het vergeten bombardement en de geallieerde aanvallen besteden wij zowel in de expositie als in ons educatieve programma aandacht. En blijkens de vraag van de NOS is dat geen overbodige luxe!
A.H. 10.11.2010

Vrienden, bezoekers en mensen van het eerste uur halen herinneringen op
Op 28 oktober jl. hadden wij een feestelijke dag in het museum. We vierden die dag het feit dat 25 jaar geleden de eerste expositie met de verzameling van Arie Mast, oprichter van het museum, werd geopend door Bram Peper. Die expositie markeert als een eerst gelegde steen het ontstaan van het OorlogsVerzetsMuseum Rotterdam (OVMR).

Voor de gelegenheid waren zoveel mogelijk mensen van het eerste uur, trouwe bezoekers en natuurlijk de vrienden van het museum uitgenodigd. Na een terugblik op de geschiedenis door bestuurslid Hans Onderwater was er de hele middag gelegenheid voor het ophalen van herinneringen en oude banden werden aangehaald.

De nieuwe strip: Doelwit Westerdam
Maar het OorlogsVerzetsMuseum zou het OorlgsVerzetsMuseum niet zijn als niet meteen de gelegenheid te baat werd genomen om in de toekomst te kijken en nieuwe banden te smeden.
's Middags werd aan Melanie Post van Ophem, voorzitter van de Rotterdamse Raad voor Kunst en Cultuur het eerste exemplaar van een nieuwe strip uitgereikt.
De nieuwe strip, over het tot zinken brengen van het grote schip de Westerdam, is een vervolg op de strip Rotterdam Frontstad die in 2006 door het OVMR werd uitgebracht. Er werd nauw samengewerkt met het Gemeentearchief Rotterdam (GAR) dat voor het feitenmateriaal zorgde.
Van Ophem sprak haar waardering uit voor de succesvolle samenwerking met het gemeentearchief, en hoopt daar in de toekomst nog meer 'produkten' van te zien. De geschiedenis van de stad komt immers beter tot haar recht wanneer zoveel mogelijk kennis en kunde aan elkaar gekoppeld en voor een breed publiek toegankelijk gemaakt worden.

Het tot zinken brengen van de Westerdam was de zwaarste opgave voor de sabotagegroep Rotterdam-Zuid. Met dit schip wilden de Duitsers de doorgang in de Nieuwe Waterweg afsluiten zodat een geallieerde inval daar niet kon plaatsvinden. Tekenaar Rik Slinger maakte in samenwerking met scenarioschrijver Maarten Hartog op basis van het feitenmateriaal dat door het GAR geleverd werd een prachtige strip over deze moeilijke opdracht uit Londen.

Bij de presentatie was ook de zoon van Henk Huisman aanwezig. Huisman was de leider van de sabatogeactie op de Westerdam. Zoon Dick Huisman nam zichtbaar ontroerd en zeer vereerd het tweede exemplaar van het stripboek in ontvangst.
A.H. 10.11.2010

Vrijwilligers van het OorlogsVerzetsMuseum Rotterdam
Onze vrijwilligers zijn genomineerd voor de titel Rotterdammer(s) van het jaar 2010. En daar zijn we trots op!
Vrijwilligers zijn onmisbaar in organisaties als de onze. De meeste kleine musea draaien er volledig of bijna volledig op. Ook ons museum begon met uitsluitend vrijwilligers.


Onder de naam Stichting Bezet-Bevrijd 40-45 werkte in de jaren '80 een groep enthousiaste mensen aan de opbouw van een museum over een voor de Rotterdamse geschiedenis belangrijke periode.
Het heeft nog wel wat voeten in aarde gehad voor er voldoende financiële steun was om het museum echt goed van de grond te krijgen. Pas na ruim 10 jaar was er sprake van een structurele subsidie en na 15 jaar werd voor het eerst een betaalde kracht voor educatie aangesteld.
Inmiddels is het museum als OorlogsVerzetsMuseum Rotterdam uitgegroeid tot een professioneel en gecertificeerd museum. Veel vaste werknemers zijn er echter nog steeds niet en zonder onze vrijwilligers zou het werk ons zeker boven het hoofd groeien.
Onze vrijwilligers maakten, samen met de kleine groep vaste krachten, geheel belangeloos in een  tijd van financiële crisis het OVMR tot een gecertificeerd museum. Zij weten het museum als enige schouwplaats van 1940-1945 in  Rotterdam overeind te houden.
We zijn dan ook trots op de nominatie van onze vrijwilligers voor de titel Rotterdammer(s) van het jaar 2010.

Uitslag op de Rotterdamse dag,
13 november in de Laurenskerk
Deze titel wordt al ruim 30 jaar toegekend aan personen, instellingen, clubs e.d., die zich op vrijwillige basis verdienstelijk maken voor de stad Rotterdam. De verkiezing wordt georganiseerd door de Stichting Ons Rotterdam, in samenwerking met De Oud Rotterdammer. Graag willen wij u oproepen om op onze vrijwilligers te stemmen. Dat kan nog tot en met 4 november op de website van www.onsrotterdam.nl.

Wat ons betreft stemt u dan niet alleen op de mensen die zich op dit moment vrijwillig voor het OVMR inzetten, maar ook met terugwerkende kracht, op allen die dat in de afgelopen 25 jaar hebben gedaan!
A.H. 26.10.2010
Op 28 oktober 2010 viert het OVMR dat 25 jaar geleden de eerste expositie van de collectie van Arie Mast in Katendrecht werd opgesteld, geopend door de toenmalige Burgemeester Peper. Ter gelegenheid hiervan blikken we op 28 oktober terug in de tijd. Op dinsdag 12 oktober ontvingen wij de Rotterdamse wethouder van Kunst en Cultuur Antoinette Laan al in het museum. Aan haar werd het boekje Tien over toen overhandigd.

Wethouder Laan met het boekje Tien over toen
In dit waardevolle egodocument, uitgegeven ter gelegenheid van het jubileum, vertellen tien voor het museum belangrijke mensen over de Tweede Wereldoorlog. Aan het woord komen o.a. Arie en Nel Mast, oprichter en 'moeder' van het museum. Bij het boekje is een Cd gevoegd met fragmenten van de verhalen.
De wethouder was vereerd het boekje in ontvangst te mogen nemen. Ze kent het museum nog van de tijd aan de Veerlaan en was vol lof over de professionalisering van het museum aan de Coolhaven. Ook sprak ze haar waardering uit voor de inzet van allen die in de afgelopen 25 jaar hun grote en minder grote stenen hebben bijgedragen.
En dat zijn er, vanaf de start in 1985, nogal wat geweest. Na een aantal jaren tijdelijke exposities in verschillende buurthuizen te hebben ingericht werd in 1990 voor het eerst een vaste opstelling gerealiseerd in het pand Rechthuislaan. Maar het pand vertoonde ernstige gebreken en na een tijd gesloten te zijn geweest, kreeg het museum aan de Veerlaan in 1995 een beter onderkomen. Daar kwam het als OorlogsVerzetsMuseum Rotterdam tot verdere bloei. Op 30 september 2007 moest ook dit pand verlaten worden.

Mede gesteund door een unaniem aangenomen motie in de Rotterdamse Gemeenteraad over een verdere professionalisering van het OVM Rotterdam, alsmede door de inbreng van verschillende instellingen en sponsors, werd in oktober 2007 begonnen aan de realisatie van een geheel nieuw museum onder de Pieter de Hoochbrug aan de Coolhaven. Op 3 april 2008 vond  de feestelijke opening ervan plaats door Burgemeester  Ivo Opstelten en de acteur Rutger Hauer.

In 2009 verkreeg het museum de status Geregistreerd Museum hetgeen betekent dat het museum nu landelijk als professioneel museum erkend wordt. Al met al reden genoeg om een feestelijke dag te organiseren. Er is gelegenheid voor het ophalen van herinneringen, in de filmzaal zal een doorlopende fotopresentatie worden getoond en de middag zal worden opgeluisterd door Reinier van Mourik (trekharmonica) en Frans de Jong (gitaar) met oorlogsrepertoire.

De entree is de gehele dag gratis en het boekje Tien over toen is tegen gereduceerde prijs te koop.
A.H. 19.10.2010
Kinderen van Basisschool Delfshaven bij de onthulling
De doorgang onder de Pieter de Hoochbrug naast het museum was een nogal duistere plek. Was, want inmiddels is dat verleden tijd. De zuilen zijn aangekleed met tekeningen, vrolijke kleuren en ontroerende gedichten. Kunstenares Mariette Steenbreker nam daartoe een bijzonder initiatief. Ze zocht contact met het museum, werkte met kinderen van basisschool Delfshaven intensief aan een project voor de vrijheid, en kreeg vanuit diverse hoeken financiële steun om haar plannen te realiseren.

Op school werd uitgebreid gesproken over wat vrijheid nu eigenlijk is. Tijdens een bezoek aan het museum konden de kinderen kennis nemen van hoe het is als er geen vrijheid is. En ze mochten tekeningen maken en gedichten. Steenbreker kreeg voor elkaar dat het werk van de kinderen op professionele wijze op de zuilen werd aangebracht. En het resultaat mag er zijn!
Afgelopen 30 september werden de pilaren feestelijk onthuld. Deelgemeente voorzitter Carlos Gonçalves leidde een enthousiaste drumband waarmee meteen de aandacht werd getrokken.
Daarna deden Mariette Steenbreker, Jeroen Woltjer, educatief medewerker van het museum, en natuurlijk de heer Gonçalves een woordje. Toen was het de beurt aan de kinderen die de met papier bedekte pilaren mochten

Carlos Gonçalves en de drumband
onthullen. Dat deden ze met veel toewijding: in reuzentempo (en met het nodige kabaal) werd het bruine beschermingspapier eraf gescheurd en kwamen de kleurige colllages tevoorschijn.

Het Project Vrijheid van Mariette Steenbreker is een mooi voorbeeld van een geslaagd wijkproject. De donkere plek onder de Pieter de Hoochbrug is opgevrolijkt, de kinderen hebben behalve plezier ook het nodige opgestoken en verschillende organisaties in Delfshaven hebben elkaar weer wat beter leren kennen.
A.H. 07.10.2010
De eerste tentoonstelling met de verzameling van Arie Mast werd op 3 mei 1985 geopend door Bram Peper. Nu 25 jaar later is het tijd om daar bij stil te staan en eens achterom te kijken. Mei vonden we daarvoor niet zo geschikt. De vierde en de vijfde mei zijn immers bestemd voor de grote en algemene herdenking en viering.

Maar op 28 oktober zullen wij een feestelijke jubileumdag organiseren (houd de website in de gaten voor de bijzonderheden). Ter gelegenheid van dit 25-jarige bestaan geven wij ook een boekje uit: 'Tien over toen'.
Tien belangrijke mensen voor dit museum vertellen in dit boekje over hun bijzondere ervaringen. Alle verhalen gaan over de Tweede Wereldoorlog, het is immers de geschiedenis die deze mensen decennia later heeft samengebracht en die ontmoeting heeft geleid tot het OorlogsVerzets- Museum zoals we dat vandaag de dag kennen.
Aan het woord komen Arie en Nel Mast, Ben van der Heijden en Jan Kraaijvanger natuurlijk, maar ook Cees Schäfer, Jan Vink, Leo de Groot en Theo Eijkman ontbreken niet. Namens het bestuur Jan Herlaar en Hans Onderwater.

Het is een fraaie uitgave, met een voorwoord van Bram Peper. De verhalen van onze ‘oudgedienden’ zijn vastgelegd door Leo van Atten, die ze met veel plezier heeft opgetekend.
Elk verhaal wordt geïllustreerd door foto’s van de jonge mensen die ze waren, en van hoe ze ouder geworden zijn. Maar ook hun stemmen zijn bewaard. Op de CD die in het boekje zit zijn fragmenten van de verhalen te horen, naar chronologie van de oorlog.
Dat we geen minuut te vroeg zijn met deze uitgave blijkt uit het feit dat inmiddels al twee personen die door Leo van Atten werden geïnterviewd zijn overleden. Ben van der Heijden en Theo Eijkman hebben de uitgave van het boekje helaas niet meer mogen meemaken.

‘Tien over toen’ is te koop in de museumwinkel voor 9,95.
A.H. 09.09.2010
Afgelopen donderdag 29 juli werd bij het monument voor Loods 24 de deportatie van duizenden joden tijdens de Tweede Wereldoorlog herdacht. Zo'n 150 mensen kwamen bij elkaar. Verschillende toespraken werden gehouden. Het OorlogsVerzetsMuseum Rotterdam was hierbij aanwezig voor het leggen van een rouwtak.

Locoburgemeester van Huffelen in gesprek
Namens de gemeente Rotterdam was locoburgemeester mevrouw van Huffelen aanwezig. Zij benadrukte het belang van deze herdenking. 'Laten we al diegenen die bij ons zijn weggehaald nooit vergeten’, zei zij.
Nadat de Kaddisj was opgezegd door een rabbijn, werden twee minuten stilte in acht genomen en de kransen gelegd.
In 1942 begonnen de Duitsers met het stelselmatig oppakken en deporteren van joodse Nederlanders. In Rotterdam werd Loods 24 een verzamelplaats voor joden. De loods lag op een afgelegen terrein, achter een muur van de Gemeentelijke Handelsinrichtingen, de tegenwoordige Kop van Zuid.
Vanaf 30 juli 1942 werden de joden vanuit Loods 24, waar het spoor toentertijd vlak langs liep, op transport gesteld. Eerst naar Westerbork, daarna verder naar het oosten, naar de concentratiekampen, waar hen een gruwelijk lot te wachten stond.
Uiteindelijk verdwenen meer dan twaalfduizend joden uit Rotterdam en omgeving.
A.H. 04.08.2010
Amateurhistoricus Jac. Baart is er jaren mee bezig geweest en heeft er het nodige onderzoek voor gedaan. Zijn boek Rotterdam Oorlogshaven, waarop onze gelijknamige wisseltentoonstelling zich baseert, wordt dan ook niet voor niets een ’wezenlijke aanvulling op de Rotterdamse geschiedschrijving’ genoemd.
In juni 2008 kreeg Jac. Baart van het museum het verzoek mee te denken over de opzet van een jubileumtentoonstelling over Rotterdam Oorlogshaven in 2010 en dat heeft het schrijven van dit boek in een stroomversnelling gebracht. Bij de voorbereidingen had hij al geconstateerd dat de activiteiten van de scheepsbouwers altijd wat verdoezeld zijn geweest. Dat is zo gebleven tot de verschijning van dit boek.

Baart haalt een onaangename decennialang doodgezwegen waarheid boven water. Rotterdam leverde een dubieuze bijdrage aan voor oorlogsdoeleinden omgebouwde vaartuigen. De rederijen speelden soms een dubbele rol met aan beide zijden schepen in de vaart. Maar er was ook verzet in de vorm van sabotage.
Rotterdam Oorlogshaven is met nadruk niet bedoeld als aanklacht. Het boek schept in vele tinten grijs een genuanceerd beeld van de Rotterdamse Haven in de jaren ’40 – ’45.

Op 4 juni werd het onder grote belangstelling in het OorlogsVerzetsMuseum Rotterdam gepresenteerd. Een symbolisch eerste exemplaar (het was al eerder in de boekhandel verkrijgbaar)  werd uitgereikt aan de nieuwe havenmeester René de Vries, die het graag in ontvangst nam. Van de mogelijkheid een opdracht van de auteur in het boek te laten schrijven werd al even gretig gebruik gemaakt.


onder grote belangstelling...

Rotterdam Oorlogshaven door Jac. J. Baart, 320 pagina’s rijk geïllustreerd (uitgave van Walburg Pers). In de museumwinkel verkrijgbaar voor 49,50.

A.H. 23.06.2010
Elk jaar op 14 mei presenteren wij een kunstwerk dat het grote bombardement op Rotterdam als thema heeft. Het is een jonge traditie die verleden jaar gestart is. Toen hebben wij de kunstenaar Onno Poiesz gevraagd een beeld te maken. Dat werd het veelbesproken beeld De Schaduw.

Dit jaar hebben wij de kunstenares Gemma Plum gevraagd. Zij bedacht en maakte een beeldverhaal waarin de stad Rotterdam centraal staat: de vooroorlogse stad, de kaalgeslagen stad na het grote bombardement, maar ook de trotse stad van na de wederopbouw.
Het is een strip, waarin slechts één enkele strofe uit een gedicht van J.C. Bloem de tekst vormt. Het eerste genummerde exemplaar werd op 14 mei j.l. aangeboden aan Jantje Steenhuis, directeur van het Gemeentearchief Rotterdam. Meteen de beste plek om dit bijzondere kunstwerk te bewaren natuurlijk.

De 65 genummerde en gesigneerde exemplaren van dit bijzondere boekje hebben de vorm van een leporello: een meterslange harmonicagevouwen strip in een cassette. De verfijnde zeefdrukken zijn door Gemma Plum met de hand gedrukt.

Te koop in de museumwinkel voor € 70,= (zolang de voorraad strekt). In het museum hangt een serie van 32 ingelijste zeefdrukken waarin de inhoud van de strip in één overzicht te zien is.

A.H. 23.06.2010
Of eigenlijk begon het al eerder. Op 29 april werden wij vereerd met een bezoek van de Vliegende Kruideniers. Een groep Engelse vliegers die in april 1945 bij de voedseldroppings boven Terbregge betrokken was.

poseren bij het uniform van Andrew Geddes
Het was misschien wel de laatste keer dat deze mannen ter gelegenheid van de herdenking van operatie Manna in Nederland waren. Trots poseerden ze bij het uniform van Geddes, en met veel belangstelling luisterden ze naar de lezing van Hans Onderwater, die meerdere boeken schreef over operatie Manna.
Na een kopje koffie met cake moesten ze weer met spoed naar een volgende manifestatie in een druk programma.
Op 4 mei hadden wij de traditionele voorlezing van joodse familienamen door kinderen van basisschool de Pijler. Maar ook voor de tentoonstelling was die dag meer belangstelling dan
gewoonlijk op 4 mei het geval is.

Opvallend is ook het grote aantal kinderen dat we op bezoek hadden. Een groep kinderen van de buitenschoolse opvang maakte dankbaar gebruik van de mogelijkheid een vredesduifje te maken, maar ook individuele gezinnen namen actief deel aan de knutseltafel.  
We sloten de dag af in gepaste stilte naast de vlag die halfstok hing. Enkele voorbijgangers (en fietsers) bleven staan en zo brachten we gezamenlijk de minuut stilte door.


vredesduifjes maken aan de knutseltafel
De dag erna waren er bevrijdingsfilms te zien en stond het grote draaiorgel Mine Cap van de weduwe van Es weer voor de deur. Ondanks het vinnige weer was er de nodige belangstelling voor de muziek.

de overdracht van het verleden....
Het viel ons op dat er veel grootouders met hun kleinkinderen kwamen. Maar 65 jaar bevrijding is dan ook wel een heel geschikt moment om het hele verhaal nog eens uit de doeken te doen. We weten natuurlijk allemaal wel dat steeds minder mensen overblijven die het zelf meegemaakt hebben. De meesten die nu hun verhalen vertellen waren zelf vaak nog kind in de oorlog. Daar staan ze dan, grijs en soms al wat krom, met naast zich de nieuwste generatie, van internet en de toekomst voor zich. Zo wordt het verleden overgedragen waar je bij staat.
Maar niet alleen  tijdens de twee belangrijkste meidagen was het druk. De hele maand was het een komen en gaan van groepen, scholen, toeristen en individuele bezoekers. De vaste tentoonstelling trekt niet alleen nieuwe bezoekers. Vaak willen mensen terugkomen. En alles nog eens op hun gemak bekijken. Ook de tijdelijke expositie Rotterdam Oorlogshaven trekt veel belangstelling en wordt in de pers goed besproken. Waaruit maar weer eens blijkt dat de behoefte aan kennis van de Rotterdamse oorlogsgeschiedenis leeft en het museum de mooie taak heeft daarin te voorzien.
A.H. 01.06.2010
De maanden rond de meidagen zijn voor veel scholen aanleiding een bezoek aan ons museum in te plannen. Vanaf maart gonst het in de zalen dan ook van de kinderstemmen. Met een aanbod van twee educatieve programma's is het dit jaar drukker dan ooit.
Bij de tijdelijke tentoonstelling Rotterdam Oorlogshaven is een gratis educatief programma ontwikkeld. Het ziet er aantrekkelijk uit en prikkelt de kinderen tot lezen, denken en discussiëren.
Bij de vaste opstelling is een Vraag en Antwoordboekje beschikbaar waarmee de kinderen zelf aan de slag gaan. Aan de hand van het aantrekkelijk vormgegeven boekje komen ze met de belangrijkste thema's rond WOII in aanraking. De antwoorden zijn deels te vinden in de tentoonstelling, maar sommige moeten door goed na te denken zelf geformuleerd worden.
Meestal zijn de klassen druk bij aankomst. Maar over het algemeen gaan ze na een tijdje geïnteresseerd aan het werk. Begeleid door onze medewerkers, die de kinderen vriendelijk (en soms ook heel geduldig) te woord staan en waar nodig van extra informatie voorzien. Aan het eind van het museumbezoek gaan onze jeugdige bezoekers enthousiast en beter geïnformeerd terug naar school.
Met de docentenmap en verwerkingsopdrachten onder de arm kunnen onderwijzers en docenten het onderwerp tijdens de lessen nog verder uitdiepen. Gezien de reacties, van zowel kinderen als onderwijzend personeel, wordt een bezoek aan ons museum als waardevol ervaren.
A.H. 13.05.2010
Op woensdag 3 maart is onze nieuwe tijdelijke tentoonstelling Rotterdam Oorlogshaven onder grote belangstelling geopend.
Vertrekkend havenmeester J. Lems, die de afgelopen 25 jaar nauw betrokken was bij het wel en wee van de Rotterdamse haven, verrichtte samen met de twee jeugdige ambassadeurs van het museum de openingshandeling: Het luiden van de scheepsbel van de Statendam.
De Statendam ging in mei 1940 verloren maar de scheepsbel werd geborgen en aan havenmeester Kortlandt geschonken. Sindsdien prijkt de bel op het hoofdkantoor van het havenbedrijf.

In de tentoonstelling Rotterdam Oorlogshaven komen allerlei aspecten van de Rotterdamse haven tijdens de bezetting aan bod.
Het centrum van de stad werd in 1940 verwoest, maar de havens vielen vrijwel ongeschonden in handen van de Duitsers.
Als snel werd Rotterdam de uitvalsbasis voor de Kriegsmarine en werd van de werven gebruik gemaakt voor de productie van oorlogsmaterieel.
Dat leverde na een periode van crisis de nodige bedrijvigheid op.
Toen de geallieerden in 1944 naderden trachtte de bezetter de havens zoveel mogelijk te verwoesten.
Na de bevrijding in 1945 begint een veerkrachtig Rotterdam aan de wederopbouw van zowel het verwoeste havengebied als de binnenstad.


De tentoonstelling Rotterdam Oorlogshaven is tot en met 30 september te bezoeken. Voor het gratis educatieve programma kunt u contact opnemen met de receptie. (010-484 89 31 of info@ovmrotterdam.nl.)
A.H.09.03.2010
Het OorlogsVerzetsMsueum Rotterdam organiseert heel doelbewust van alles voor kinderen. Een van onze belangrijkste doelstellingen is immers het verhaal van de oorlog door te geven. Soms gebeurt dat op een heel speelse manier.
Afgelopen voorjaarsvakantie, konden kinderen in het museum een vals persoonsbewijs maken.
Fotootje knippen, van alles opplakken, lekker met stempels in de weer.
Een soort knutselmiddag. Voorafgaand aan zo'n sessie peilt een educatief medewerker van het museum wat de aanwezige kinderen weten over de Tweede Wereldoorlog.
Zo komen de kinderen spelenderwijs met het onderwerp in aanraking. Soms zijn ze wel erg jong, en blijft het bij gezellig knippen en plakken. Andere keren blijkt dat kinderen van een jaar of tien nog verbluffend weinig weten.
Dan is het goed om ze een beetje bij te spijkeren, zodat ze straks, als het in de lessen op school aan de orde komt, alvast een ondergrondje hebben. En de lesstof in vruchtbare aarde valt.
De vakantieactiviteit Valse Persoonsbewijzen maken werd zo goed bezocht dat er later in het jaar nieuwe workshops georganiseerd zullen worden.
A.H. 08.03.2010
De expositie 'Helden en heldinnen' over landmijnen is afgebroken en ingepakt. Klaar om op reis te gaan en weer elders tentoongesteld te worden. De Arie en Nel Mastzaal voor tijdelijke eposities zal echter niet lang leeg zijn. Achter de schermen zijn wij al maanden bezig met met de voorbereidingen voor een nieuwe expositie met de Rotterdamse haven als onderwerp.

Rotterdam staat bekend om haar wereldhaven en is een spil in de Nederlandse economie. Veel Rotterdammers verdienen er al sinds jaar en dag hun boterham. De Rotterdamse haven kent een woelige geschiedenis, waarbij
de oorlogsjaren van 1940 tot 1945 niet weg te denken zijn. 65 Jaar na de Tweede Wereldoorlog willen wij hier speciale aandacht aan besteden. De tentoonstelling baseert zich op het gelijknamige boek van Jac. J. Baart dat in mei zal verschijnen. Nieuwe feiten komen aan bod, en interessant materiaal uit allerlei musea is bijeengebracht. Gedurende de expositie, die loopt van 4 maart t/m 30 september, zijn interessante lezingen en activiteiten rond dit thema georganiseerd. Voor de jeugd is een aantrekkelijk educatief programma ontwikkeld, speciaal rond deze tentoonstelling.
Engelandvaarders
In het educatieve project kruipen de leerlingen in de huid van een Engelandvaarder, die als spion de opdracht krijgt zoveel mogelijk informatie te vergaren over de Duitse bezetting van de haven en haar militaire activiteiten.
Zo verzamelen ze op een actieve manier informatie over de betekenis en de gevolgen van de bezetting van de haven.

collectie OVMR
Rotterdam Oorlogshaven is een jubileumtentoonstelling ter gelegenheid van 65 jaar bevrijding en het 25 jarig bestaan van het OorlogsVerzetsMuseum Rotterdam. In het kader hiervan bieden wij dit educatieve project gratis aan. Voor Rotterdamse scholen de gelegenheid bij uitstek dus om hun leerlingen op een prettige stimulerende manier kennis te laten maken met de geschiedenis van de bijzondere stad waarin ze wonen. Geschikt voor groep 7/8 en onderbouw vmbo/havo/vwo.
A.H. 10.02.2010
Hoewel de vaste opstelling in principe steeds hetzelfde verhaal vertelt - het heet niet voor niets 'vaste opstelling' natuurlijk - vinden er toch regelmatig wijzigingen en aanvullingen plaats.
Wanneer wij bijzondere aanwinsten hebben bijvoorbeeld, of een object waar een verhaal achter zit dat verteld moet worden.
Zo is bij het thema Voedseldroppings kortgeleden nogal het een en ander veranderd. Aanleiding tot deze aanpassingen was de verwerving van een uniek uniform dat ons geschonken werd door bestuurslid en 'voedseldroppingdeskundige' Hans Onderwater.
Andrew Geddes
De Britse Air Commodore Andrew Geddes, die de voedseldroppings in het voorjaar van mei 1945 voorbereidde, droeg dit uniform tijdens de onderhandelingen met de Duitsers. Geddes maakte plannen, voerde gesprekken en ondertekende de deelakkoorden voor Operatie Manna. Voedseldroppings waren noodzakelijk geworden, omdat honderdduizenden Nederlanders in West-Nederland al maandenlang verstoken waren van alle soorten van voedsel, kleding en hulpgoederen.
In de vaste opstelling zijn behalve het uniform van Geddes nog een
bijzonder schilderij, uniek fotomateriaal en diverse objecten te zien bij het thema Voedseldroppings. Het is kortom de moeite waard het museum regelmatig te bezoeken om op de hoogte te blijven van nieuwe aanwinsten en waardevolle toevoegingen.
A.H. 29.01.2010
Het filmzaaltje van het OorlogsVerzetsMuseum was tot de laatste stoel gevuld bij de lezing van Ad van Liempt op donderdag 14 januari. En de belangstellenden waren niet voor niets gekomen.
Ad van Liempt, eindredacteur van de NPS-televisieserie De Oorlog, en auteur van het gelijknamige boek, bleek een meeslepend verteller met een schat aan parate kennis over Nederland tijdens de bezetting. Hier en daar bezorgden zijn verhalen de toehoorders kippenvel, en dat lag nou eens niet aan de verwarming van het museum.
De serie De Oorlog heeft voor een documentair programma ongekend hoge kijkcijfers gehaald. Per aflevering rond een miljoen kijkers.
Al die mensen werden blijkbaar geraakt door de bijzondere opzet ervan. De redactie heeft ruim geput uit oorlogsdagdagboeken. Mede daardoor zat de serie dicht op de huid van de gewone Nederlander.
De Oorlog is ook nogal anders geworden dan de befaamde reeks van Lou de Jong destijds. Van Liempt prees in zijn lezing het werk van De Jong, maar noemde hem ook een grote boom waaronder weinig anders meer kon groeien. Nadat de rol van De Jong zo’n beetje was uitgespeeld, hebben allerlei andere schrijvers, historici en lokale geschiedvorsers zich gestort op deelonderwerpen uit de bezettingstijd. Veel van de nieuwe inzichten en verhalen die daaruit voortkwamen heeft Van Liempt tot zich genomen in de voorbereiding op De Oorlog.
Heeft hij zelf ook nog iets opgestoken van het maken van de bejubelde serie?
Jawel. Onder meer dat de oorlog van plek tot plek in Nederland zeer verschillend is beleefd.
In een dorp in Groningen bijvoorbeeld hebben ze in 1940 de Duitsers langs zien marcheren. Later heeft er nog eens een tijdje een Duitse soldaat op wacht gestaan bij een brug. Verder niks.
Op andere plekken werden Nederlanders voortdurend geconfronteerd met de bezettingsmacht.
Om over het lot van Rotterdam nog maar te zwijgen.
Het boek De Oorlog, geschreven door Ad van Liempt, is te koop aan de balie van het museum.
R.V. 14.01.2010
Het nieuws van 2011 vindt u in ons nieuwsarchief 2011.
Nieuws uit 2010 nieuwsarchief 2010.
Nieuws uit 2009 nieuwsarchief 2009.
Nieuws uit 2008 nieuwsarchief 2008.
Reportage over onze verhuizing eind 2007 begin 2008.